Beschrijving
Rijbaansensor AFIL nummer 3 voor CITROEN PEUGEOT
auto’s
De schroef waarmee de unit aan het onderstel is bevestigd, is mogelijk kapot – moet worden losgeschroefd
Onderdeelbeschrijving
Deze AFIL-sensor (Lane Keeping Sensor) nr. 3 is een elektrisch onderdeel dat in Citroën/Peugeot-auto’s wordt gebruikt voor de Lane Keeping Assist-functie. Als u te maken heeft met slecht functionerende rijstrookbewaking of systeemstoringen, is het vervangen van de sensor een van de typische diagnostische en reparatiestappen.
Het onderdeel is bedoeld als gebruikt auto-onderdeel – een ideale keuze voor een snelle en redelijk geprijsde reparatie. Houd er tijdens de montage rekening mee dat er mogelijk een gekerfde montageschroef aanwezig is (volgens de opmerking op het onderdeel), waarvoor mogelijk moet worden geboord.
Technische informatie
- Fabrikant: Stellantis (CITROEN / PEUGEOT)
- Model: Citroën C4, Citroën C4 PICASSO, Citroën C5, Citroen C5 X7, Citroën C6, Peugeot 308, Peugeot 407
- Andere nummers: 603.013
Productcodes
- Productcodes: 9653381180, 6590W1
Installatieaanbevelingen
Opmerking: De documenten bevatten geen gedetailleerde montageprocedure voor een specifiek model. Hieronder vindt u de algemene/typische procedure voor het vervangen van een elektrische sensor van dit type; de exacte stappen kunnen variëren, afhankelijk van het autoontwerp en de benadering van het onderdeel.
1) Vóór montage (controle van gebruikt onderdeel)
- Vergelijk de onderdeelnummers op het etiket/de doos: 9653381180 en 6590W1, of een andere aanduiding 603.013.
- Controleer de staat van de connector (verbogen pinnen, oxidatie), kabelingang en sensorlichaam (scheuren, vervorming).
- Controleer of de bevestigingspunten correct zijn en of er geen bevestigingsmiddelen ontbreken.
- Houd er rekening mee dat de klemschroef mogelijk gekerfd is – bereid u voor op het uitboren ervan.
2) Benodigde gereedschappen en materialen (in het algemeen)
- Basisset ratels/bits en schroevendraaiers
- Hulpmiddel voor het demonteren van plastic afdekkingen/clips
- Reinigingsmiddel voor elektrische contacten + doek
- In geval van een probleem met de schroef: een hulpmiddel om stijve verbindingen los te maken, of apparatuur voor boren (boren, gatenpons)
- Beschermende handschoenen en veiligheidsbril
3) Stapsgewijze montageprocedure (meestal)
- Parkeer de auto op een vlakke ondergrond, beveilig hem tegen beweging en zet het contact uit.
- Koppel de batterij los (aanbevolen veiligheidsprocedure voor elektrische onderdelen).
- Zorg voor toegang tot de sensor door de benodigde afdekkingen/panelen te verwijderen (afhankelijk van het specifieke autoontwerp).
- Lokaliseer de sensor en koppel voorzichtig de elektrische connector los (ontgrendel eerst de connector).
- Controleer de staat van de connector en maak deze indien nodig voorzichtig schoon met een contactreiniger.
- Laat de sensorbevestiging los. Als de schroef beschadigd/gebarsten is, ga dan voorzichtig te werk: probeer eerst los te draaien met een geschikt gereedschap; als dit niet helpt, kan boren nodig zijn (werk nauwkeurig om schade aan omliggende onderdelen te voorkomen).
- Demonteer de originele sensor en vergelijk deze met het vervangende onderdeel (vorm, connector, bevestigingen).
- Plaats de vervangende sensor in de juiste positie en bevestig deze.
- Sluit de elektrische connector aan en controleer of deze goed op zijn plaats zit en beveiligd is met een zekering.
- Plaats alle verwijderde afdekkingen/versieringen opnieuw en controleer of er niets schuurt en of de bedrading goed vastzit.
- Sluit de batterij aan.
- Controleer de werking van het systeem (afhankelijk van de uitrusting van de auto) en controleer of er foutmeldingen verschijnen.
4) Controles na de montage en testrit/functieverificatie
- Controleer of de connector goed vastzit, de kabel niet uitgerekt is en niet op een plek wordt geleid waar deze kan schuren.
- Controleer na installatie of er niets in de weg/in de weg zit en of de afdekkingen goed op hun plaats zitten.
- Als dit mogelijk is voor uw auto, verifieer dan de AFIL-functie tijdens normaal gebruik onder omstandigheden waarbij het systeem standaard is geactiveerd (afhankelijk van de uitrusting en instellingen van de auto).
5) De meest voorkomende montagefouten + hoe u ze kunt vermijden
- Beschadiging van de connector of zekering bij het loskoppelen – maak de zekering in de juiste richting los en zonder met kracht los te wrikken.
- Onjuiste plaatsing van de sensor – voordat u deze vastdraait, lijnt u de positie uit volgens de handgrepen, zodat de sensor niet “scheef zit”.
- Onderschatting van een gekerfde schroef – als boren nodig is, werk dan nauwkeurig en bescherm omliggende delen; het loont de moeite om een perforator te gebruiken en stap voor stap te werk te gaan.
- Het niet loskoppelen van de batterij – kan leiden tot ongewenste kortsluiting of elektrische fouten; voor elektrische sensoren is het loskoppelen van de accu een veilige standaard.
Redenen waarom het onderdeel beschadigd is
- Trillingen en mechanische belasting op het bevestigingspunt (losse bevestiging, langdurig gebruik).
- Vocht, oxidatie en vervuiling in de connector of op de contacten.
- Beschadiging van de bedrading (slijtage, beknelling, slechte geleiding van de bundel).
- Onprofessionele demontage/montage – gescheurde of afgebroken schroeven, gebarsten handgrepen, beschadigde connectorpinnen.









