Beschrijving
BOSCH-hoofdremcilinder voor Stellantis-auto’s
Afkomstig uit een auto met 33.000 km op de teller
Beschrijving van het onderdeel
Gebruikte BOSCH-hoofdremcilinder voor Citroën, Peugeot en andere modellen die in de documentatie worden vermeld. In het remsysteem zet deze de kracht op het pedaal om in hydraulische druk die nodig is om de remmen te bedienen. Een goede werking is essentieel voor veilig en betrouwbaar remmen.
Het onderdeel is afkomstig uit een auto met de vermelde kilometerstand van 33.000 km en biedt de mogelijkheid om een defecte cilinder te vervangen bij een reparatie van het remsysteem. De aanduidingen 321372, 1616905480 en 1638051480 zijn belangrijk bij het selecteren van het onderdeel. Vergelijk vóór het bestellen de nummers en uitvoering met het oorspronkelijke onderdeel; alleen de modelnaam garandeert niet dat de uitvoering van het remsysteem overeenkomt.
Technische informatie
- Fabrikant: BOSCH
- Model: Citroën Berlingo K9, FIAT DOBLO III, OPEL COMBO E K9, PEUGEOT PARTNER III, PEUGEOT RIFTER
- Overige nummers: 321372, 1616905480, 1638051480
- Type onderdeel: hoofdremcilinder
- Staat: gebruikt onderdeel
- Kilometerstand van de donorauto: 33.000 km
- Bouwjaren en motorvarianten: niet vermeld
Productcodes
- Productcodes: 321372, 1616905480, 1638051480
Vergelijk bij het zoeken naar een vervangende hoofdremcilinder de vermelde codes met de aanduiding op het gedemonteerde onderdeel en met de technische documentatie van het voertuig.
Montageadvies
De volgende procedure is algemeen voor het vervangen van een hoofdremcilinder. De exacte stappen, ontluchtingsmethode en voorgeschreven montagevoorwaarden zijn afhankelijk van het specifieke model en de uitvoering van de auto. Dit is een veiligheidskritisch onderdeel; laat de montage over aan een gekwalificeerde monteur als u niet over de benodigde ervaring en uitrusting beschikt.
1) Vóór de montage
- Vergelijk de aanduiding, de vorm van de behuizing, de bevestiging, het aantal en de uitvoering van de hydraulische aansluitingen en de aansluiting op het reservoir met de oorspronkelijke cilinder.
- Controleer de behuizing, schroefdraad en aansluitvlakken. Het onderdeel mag geen scheuren, beschadigde schroefdraad, ernstige corrosie of duidelijke sporen van lekkage vertonen.
- Controleer of de openingen schoon zijn en beschermd tegen vuil. Alleen een visuele controle bevestigt niet dat de cilinder intern dicht is of goed werkt.
- Controleer vóór vervanging de oorzaak van het defect. Een zacht of wegzakkend pedaal kan ook worden veroorzaakt door een andere lekkage of lucht in het systeem.
2) Benodigd gereedschap en materiaal
- Gangbaar montagegereedschap, geschikte sleutels voor remleidingen en een momentsleutel.
- Hulpmiddelen om vloeistof veilig op te vangen en beschermpluggen voor hydraulische openingen.
- Uitrusting om het remsysteem te ontluchten volgens de serviceprocedure van het voertuig.
- Schone, pluisvrije hulpmiddelen, veiligheidshandschoenen en oogbescherming.
- Remvloeistof en eventuele afdichtingen die door de fabrikant van de specifieke auto zijn voorgeschreven; de specificaties hiervan worden niet in de documentatie vermeld.
3) Montageprocedure stap voor stap
- Zet het voertuig veilig vast om beweging te voorkomen en bereid de werkplek voor. Bescherm gelakte oppervlakken tegen contact met remvloeistof.
- Maak de cilinder toegankelijk volgens de servicedocumentatie en neem de voorgeschreven veiligheidsmaatregelen voor werkzaamheden aan het remsysteem.
- Reinig de omgeving van de cilinder en alle los te koppelen aansluitingen, zodat er geen vuil in het hydraulische circuit terechtkomt.
- Noteer hoe de afzonderlijke aansluitingen zijn geleid en aangesloten. Behandel de vloeistof in het reservoir volgens de procedure van de fabrikant en voorkom dat deze ongecontroleerd weglekt.
- Koppel de remleidingen voorzichtig los met een geschikte sleutel. Belast de leidingen niet door ze te buigen en bescherm de open uiteinden direct met schone pluggen.
- Koppel eventuele andere onderdelen los die demontage verhinderen, maak de bevestiging los en verwijder de oorspronkelijke cilinder zonder deze te forceren.
- Controleer de contactvlakken en aangrenzende onderdelen. Laat eventuele sporen van vloeistof bij de verbinding met de rembekrachtiger deskundig beoordelen en verhelp de oorzaak van de lekkage.
- Bereid de vervangende cilinder voor volgens de instructies van de autofabrikant. Voer, indien voorgeschreven, het voorvullen of vooraf ontluchten op de voorgeschreven manier uit. Verplaats het reservoir alleen als de uitvoering hiervoor geschikt is.
- Plaats de cilinder zonder spanning en bevestig deze volgens de servicevoorschriften. Sluit de hydraulische leidingen aan; draai de schroefdraad eerst met de hand in om kruislings inschroeven te voorkomen.
- Sluit alle losgekoppelde verbindingen weer aan, vul de voorgeschreven vloeistof bij en ontlucht het systeem in de door de fabrikant voorgeschreven volgorde. Laat het reservoir tijdens het ontluchten niet leeglopen. Als de procedure diagnostische activering van de hydraulische eenheid vereist, gebruik dan geschikte apparatuur.
- Controleer alle verbindingen op lekkage, controleer het vloeistofpeil en test de werking van het pedaal. Monteer de gedemonteerde afdekkingen en andere onderdelen terug.
4) Controles na de montage en functietest
- Controleer bij stilstand of het pedaal voldoende weerstand biedt en niet ongebruikelijk geleidelijk wegzakt bij constante druk.
- Controleer de aansluitingen en de omgeving van de cilinder opnieuw terwijl het pedaal is ingetrapt. Er mag geen vloeistof lekken.
- Als het pedaal zacht is, wegzakt of er een storing in het remsysteem optreedt, rij dan niet met het voertuig en verhelp eerst de storing.
- Voer na geslaagde statische controles een test van de remwerking uit op een testbank en eventueel een korte proefrit met lage snelheid op een veilige plek. Controleer daarna opnieuw op lekkage en controleer het vloeistofpeil.
5) De meest voorkomende montagefouten en hoe u ze voorkomt
- Verkeerde uitvoering van de cilinder: vergelijk vóór de montage de codes, bevestiging en alle aansluitingen.
- Vuil in het circuit laten komen: werk schoon en sluit open leidingen tussentijds af.
- Beschadiging van schroefdraad of remleidingen: gebruik geschikte sleutels, draai verbindingen met de hand in en forceer leidingen niet in een verkeerde positie.
- Onvoldoende ontluchten: volg de procedure voor de specifieke auto, inclusief eventuele diagnostische handelingen.
- Ongeschikte of verontreinigde vloeistof gebruiken: gebruik uitsluitend vloeistof die voldoet aan de voorschriften van de fabrikant en giet opgevangen vloeistof niet terug in het systeem.
- Vervanging zonder de werkelijke oorzaak van het defect te verhelpen: controleer ook de overige onderdelen van het remsysteem en deze op lekkage.
Redenen waarom het onderdeel beschadigd raakt
Bij hoofdremcilinders ontstaan defecten over het algemeen vooral door veroudering van afdichtingen, slijtage van de binnenvlakken of verontreiniging van het hydraulische systeem. De hieronder vermelde oorzaken beschrijven niet de vastgestelde staat van het aangeboden exemplaar.
- Veroudering en slijtage van afdichtingen: kan externe vloeistoflekkage of interne druklekkage veroorzaken.
- Achterstallig onderhoud aan de remvloeistof: vocht in de vloeistof bevordert corrosie van interne onderdelen van het systeem.
- Vuil in het hydraulische circuit: kan afdichtvlakken beschadigen en de goede werking van de cilinder verstoren.
- Ongeschikte vloeistof of verontreiniging: kan afdichtingen beschadigen en lekkage veroorzaken.
- Ondeskundige montage of hantering: overmatige belasting van aansluitingen, beschadiging van schroefdraad of het binnendringen van vuil kan het onderdeel onbruikbaar maken.
- Ongeschikte opslag: niet-afgeschermde openingen laten vocht en vuil binnendringen.







